Berlage Museumwoning

GESCHIEDENIS VAN DE TRANSVAALBUURT

De bijzondere geschiedenis van de Transvaalbuurt biedt thema's die als uitgangspunt kunnen dienen voor de invulling en programmering van de Berlage MuseumWoning. 
 
 
Stratenplan van Berlage
Het stratenplan van de Transvaalbuurt is in 1903 getekend door de architect H.P. Berlage. Het moest een echte arbeidersbuurt worden. In de oude binnenstad van Amsterdam werden verkrotte buurten afgebroken. De bewoners werden overgeplaatst naar de gloednieuwe Transvaalbuurt. Om deze, veelal ongeschoolde arbeiders, een veilig gevoel te geven, gaf Berlage de buurt kromme straten met veel pleinen en plantsoenen. De nieuwe bewoners zouden zich snel thuis voelen in hun eigen stukje straat. 
 
Boerenoorlog
De straatnamen in de Transvaalbuurt zijn vernoemd naar de Boerenoorlog in Zuid-Afrika. Nederland voelde zich verwant aan de 'Boeren', nazaten van Nederlandse kolonisten. Rond 1900 waren zij verwikkeld in een oorlog tegen de Britse overheersers. De 'Boeren' verloren de strijd. Als steunbetuiging zijn in Nederland verschillende buurten vernoemd naar personen en gebeurtenissen van de Boerenstrijd, waaronder Paul Kruger, president van de autonome republiek Transvaal, de generaals Christiaan de Wet, Piet Joubert en Koos de la Rey en gewonnen veldslagen bij Majuba, Spitskop en Magersfontein. 
 
Proeftuin voor sociale woningbouw
De Transvaalbuurt is ontwikkelt kort na invoering van de Woningwet (1902). De wet bood de mogelijkheid gesubsidieerde woningen te bouwen. Er ontstond een veelheid aan verenigingen die voor hun eigen achterban (politiek, religieus, etc) huizen gingen bouwen. Een groot aantal woningbouwverenigingen realiseerden in de Transvaalbuurt hun eerste woningen: de Algemene Woningbouw Vereeniging (socialistisch), Het Oosten (katholiek), Patrimonium (protestants), Handwerkers Vriendenkring (joods), ACOB (onderwijzers) en de Gemeentelijke Woningdienst. Het oudste woningbezit van deze verenigingen staat vlak bij elkaar in de kleine Transvaalbuurt.  
 
Het socialistische Transvaalplein
In de pas ontgonnen buurt werd het eerste grote bouwproject [1911-1913] gerealiseerd rondom het Transvaalplein. Opdrachtgever was de Algemene Woningbouw Vereeniging (AWV), voortgekomen uit de vakbeweging. Er was nog weinig ervaring met sociale woningbouw. Om het experiment aan te gaan, werd de socialistisch geïnspireerde architect Berlage gevraagd. Huisvesting was volgens Berlage meer dan woningen bieden. Het was ook vromgeven aan een gemeenschap. Het Transvaalplein kreeg een dorpsachtige karakter. De bewoners van het plein waren uitgesproken socialistisch. Zij organiseerden allerlei manifestaties, zoals 1 Mei-vieringen en evenementen van de Arbeiders Jeugd Centrale. 
 
Joodse bewoners
In de jaren '20 en '30 was ongeveer 70% van de bewoners in de Transvaalbuurt joods. Dat kwam door de sanering van de oude Jodenbuurt, waar krotwoningen werden afgebroken en vervangen door degelijke nieuwbouw. Niet iedereen kon terugkeren naar de oude buurt. Speciaal voor de joden van Uilenburg werden daarom in de Transvaalbuurt extra woningen gebouwd, onder andere door het joodse Bouwfonds Handwerkers Vriendenkring. De joodse bewoners waren over het algemeen niet religieus. Zij hadden het geloof ingeruild voor de idealen van het socialisme of het communisme. Er was geen synagoge in de Transvaalbuurt. Toch rook het op vrijdagavond overal naar kippensoep, een gerecht dat traditioneel wordt gegeten bij het ingaan van de sabbat. 
 
Oorlog
De Duitse bezetting had voor de Transvaalbuurt dramatische gevolgen. De buurt lag geïsoleerd van de rest van de stad, ingesloten tussen de spoordijk en de Ringvaart. Het had bovendien veel joodse bewoners, waarvan het merendeel arm en ongeschoold. Bij de aanvang van de deportaties werden de armste joden als eerste weggevoerd. De buurt werd vervolgens bestempeld als ‘concentratiebuurt’. Joden uit andere delen van de stad moesten verplicht hier naartoe verhuizen. Zij kwamen in de huizen van reeds gedeporteerde joden. De laatste joden zijn weggevoerd tijdens de razzia van 20 juni 1943.  
 
Diversiteit
Na de oorlog kwamen nieuwe bewoners naar de Transvaalbuurt. Zij kwamen vooral uit Amsterdam Noord en Diemen. De eerste buitenlanders waren Italianen en Spanjaarden. Daarna volgden Turkse arbeiders die vanaf 1964 naar Nederland kwamen. Op verschillende plaatsen in de Transvaalbuurt bevonden zich logementen, waar zij een bed konden huren. De kamers werden door meerdere personen gedeeld. In de jaren '70 en '80 kreeg de buurt meer diversiteit met gezinnen uit Marokko, Turkije, Suriname en later ook uit Ghana. Aan de Joubertstraat verrees in 2008 gebouw de Verbinding met daarin een Turkse en een Marokkaansde moskee. De Transvaalbuurt heeft een goede mix aan culturen waar het trots op is.  
 
Kunstenaars
Steeds meer mensen ontdekken de bijzondere architectuur en het knusse afgeschermde karakter van de Transvaalbuurt. Dat trekt onder meer kunstenaars naar deze kant van de stad. In de laatste jaren zijn verschillende ateliers geopend. Aan de Tugelaweg bevindt zich het kunst- en cultuurgebouw Tugela85; aan het Krugerplein zit Berm, een tijdelijke werkplek voor Rietveld studenten; en in het voormalige schoolgebouw De Kraal zijn ateliers voor kunstenaars uit de buurt. De Transvaalbuurt ontwikkelt zich geleidelijk tot culturele hotspot.